Voor het eerst heeft het Cubaanse parlement erkend dat racisme een probleem is op het eiland. Activisten pleiten voor een wet die discriminatie bestraft. Het racisme in Cuba stond op de agenda voor de parlementszitting afgelopen december. Het is voor het eerst dat het parlement zich over dit thema buigt.

“Dat het racismethema op de agenda van het parlement komt, is een oude eis van de  Cofradía dela Negritud”, zegt Tato Quiñones, een van de belangrijkste activisten op dit vlak. De Cofradía dela Negritudis een burgerorganisatie die tegen discriminatie op basis van huidskleur strijdt.

Quiñones ziet het parlementaire debat als een “eerste stap op een moeilijke en lange weg die de Cubaanse natie nog af te leggen heeft in dit belangrijke probleem.”

Fidel Castro

Politicoloog Esteban Morales, auteur van verscheidene essays over dit thema, noemt het parlementaire debat “de meest expliciete, publieke, en vooral institutionele erkenning van het raciale thema” sinds de voormalige Cubaanse leider Fidel Castro het in zijn toespraken aanraakte in 1959.

“Fidel en Raúl (Castro) hebben het er meermaals over gehad maar dat waren individuele toespraken, en behalve bij die gelegenheden hebben de officiële media het bestaan van het raciale probleem ontkend.”

Volgens Morales is de erkenning van de discriminatie een van de belangrijkste stappen in de hervorming van de regering van Raúl Castro, samen met de strijd tegen corruptie.

De corruptie bedreigt de economie, het racisme “brengt de sociale gelijkheid, de nationale en culturele identiteit en de nationale eenheid in gevaar”, zegt Morales.

Seksuele voorkeur

Mariela Castro Espín, directeur van Nationaal Centrum voor Seksuele Opvoeding (Cenesex), die te gast was in het parlement, pleit voor een wet tegen alle vormen van discriminatie. “Nog meer dan bestraffen moeten we een breed proces van dialoog en participatie opstarten die onze manier van denken kan veranderen.”

Het gevaar van een wet, zegt parlementsvoorzitter Ricardo Alarcón, “is dat we ons ermee tevreden stellen en denken dat we het probleem hebben opgelost.”

Maar Miguel Barnet, voorzitter van de Unie van Schrijvers en Kunstenaars van de Cuba, vindt dat elke vorm van discriminatie, op basis van ras, geslacht of seksuele voorkeur, bestraft moet worden “met naam en toenaam”. Raciale discriminatie wordt uitdrukkelijk vermeld in de grondwet maar een corresponderende wet ontbreekt. Het debat over de noodzaak van zo’n wet is al een tijd aan de gang. “Het is gezond dat het debat tot het parlement is doordrongen”, zegt Barnet. (IPS)

 

De Amerikaan Alan Gross die in Cuba veroordeeld is voor hulp aan de oppositie, blijft in de cel. Zijn naam komt niet voor op de lijst van drieduizend gevangenen die vorige week amnestie kregen.

Eind december publiceerde de Gaceta Oficial, het Cubaanse staatsblad, de lijst van 2991 gevangenen die amnestie krijgen. President Raúl Castro had die maatregel daarvoor al aangekondigd. Hij stelde toen ook de vrijlating van 86 buitenlandse gevangenen in het vooruitzicht, onder hen 11 Amerikanen.

Op de lijst van buitenlanders, die niet gepubliceerd werd, komt de naam van Alan Gross niet voor, zeggen Cubaanse overheidsbronnen. De Amerikaan werd in maart dit jaar tot vijftien jaar cel veroordeeld in Cuba. Havana zegt dat de 61-jarige Amerikaan de Cubaanse oppositie “geavanceerde” communicatiemiddelen heeft bezorgd en sluit niet uit dat hij bij spionageactiviteiten betrokken was.

Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken zegt “diep ontgoocheld” te zijn dat Gross niet vrijkomt. Zolang Gross in de cel blijft, is een normalisering van de relaties tussen beide landen uitgesloten, stelt Washington.

Benedictus XVI
Op de lijst van Cubanen die vrijkomen, staan de namen van zeven politieke gevangenen, zegt mensenrechtenactivist Elizardo Sánchez. Onder hen Alexis Ramírez en Modesto Martínez, die veroordeeld waren voor het kapen van een vliegtuigje om het eiland te ontvluchten. Beiden kwamen op 28 december vrij, zegt Sánchez.

De massale amnestie kwam er op verzoek van familieleden en religieuze instellingen. Het wordt gezien als een geste van de Cubaanse regering met het oog op het bezoek dat paus Benedictus XVI dit jaar aan Cuba wil brengen.

Havana liet vorig jaar en dit jaar ook al meer dan honderd politieke gevangen vrij als gevolg van een gesprek tussen president Castro en kardinaal Jaime Ortega, de aartsbisschop van Havana. (IPS)

 

Van de redactie – De Cubaanse regering heeft vlak voor de kerst aangekondigd ruim 2900 gevangenen vervroegd vrij te laten. De regering kwam tot het besluit na opgeroepen daartoe door familieleden en diverse religieuze organisaties.
De personen die zijn vrijgelaten betreffen mensen die ouder zijn dan 60 jaar, mensen die ziek zijn, vrouwen, en jongeren die niet eerder een strafblad hadden en die gedurende hun detentie en opleiding hebben gevolgd en hun sociaal re-integratie potentieel hebben verhoogd.
Uitgesloten van de gratieverlening, op enkele uitzonderingen na, zijn personen die veroordeeld zijn voor spionage, moord, drugshandel, pedofilie, gewapende overvallen en verkrachting. Verder zijn enkele personen vrijgelaten die veroordeeld waren voor activiteiten tegen de staatsveiligheid. Deze personen hebben het grootste deel van hun straf met goed gedrag uitgezeten.

 Cuba laat ruim 2900 gevangenen vrij  January 1, 2012  Posted by redactie on January 1, 2012 Cuba algemeen ,  No Responses »